Na een lang zomerreces kwam de Enschedese gemeenteraad onlangs bijeen voor de opening van het nieuwe raadsseizoen. Eén van de thema’s die deze avond ter sprake kwam was de toenemende tegenstellingen in onze stad. Mensen leven steeds meer in hun eigen ‘bubbel’ en er is minder tijd en ruimte voor verbinding. Vaak wordt er gepraat over de kloof tussen arm of rijk, tussen hoger en lager opgeleiden, maar in mijn raadswerk en mijn omgeving zie ik ook steeds vaker een harde kloof tussen zij die een beroep doen op zorg en ondersteuning van de gemeente en zij die zogezegd ‘zelfredzaam’ zijn.

Onder de financiële druk van de bezuinigingen is het zorgbeleid van de gemeente de laatste jaren meer en meer een laatste vangnet geworden. Mensen worden geacht steeds meer hulpvragen op te lossen in hun eigen netwerk, alvorens een beroep te doen op de gemeente. Bovendien trok het college in de afgelopen zomernota extra geld uit voor handhaving en toezicht in het sociaal domein, overigens zonder dat men verwacht hierdoor geld te besparen. Tegen de tendens in bleek uit het onlangs verschenen cliëntervaringsonderzoek over de maatschappelijke ondersteuning 2016, dat het aandeel mensen dat ondersteund wordt door het eigen netwerk, niet toeneemt.

Mijn eigen ervaring als voormalig thuiszorgmedewerker is dat de meeste mensen zo lang mogelijk wachten voordat zij naar de gemeente stappen. Pas als ze geen andere oplossing meer zien en ze er met hulp van familie en vrienden niet meer uitkomen, kloppen zij bij de gemeente aan. Natuurlijk is de drempel om hulp te vragen niet voor iedereen even hoog en ik zal de eerste zijn die toegeeft dat misbruik voor komt. In de politiek lijkt echter steeds meer een tendens te ontstaan van wantrouwen en achterdocht.

GroenLinks is van mening dat misbruik van zorggeld tegen moet worden gegaan, maar ziet tegelijkertijd dat wantrouwen en achterdocht mensen uit elkaar drijft en de tegenstellingen groter maakt. De huidige politieke koers waarin zorg en ondersteuning steeds meer gezien worden als een kostenpost in plaats van een recht, draagt in mijn ogen bij aan de groeiende tegenstellingen in onze samenleving. Als je als politiek wil dat mensen uit hun ‘bubbel’ komen en elkaar weer weten te vinden, is het ongetwijfeld beter je inwoners vanuit vertrouwen te benaderen dan controle centraal te stellen.