Motie ingediend in de raadsvergadering van 30 mei 2016
Motie ingediend door GL, EA
Motie verworpen

De raad van de gemeente Enschede, in vergadering bijeen 30 mei 2016,

Constaterende dat:
-Op 11 januari 2016 de Centrale Raad van Beroep in een aantal richtinggevende uitspraken heeft bepaald dat er bij het opleggen van bestuurlijke boetes op grond van de Participatiewet rekening moet worden gehouden met de draagkracht van de betrokkenen;
-Dit ertoe leidt dat in nagenoeg alle gevallen de boetes die kunnen worden opgelegd fors lager liggen dan de boetes die eerder door het College zijn opgelegd aan bijstandsgerechtigden;
-Er op dit moment nog boetes worden geïnd die zijn terug te voeren op boetebesluiten waarin geen rekening is gehouden met de financiële draagkracht van betrokkenen;
-Het College op dit moment in haar beleid de nieuwe lijn van de Centrale Raad van beroep volgt, waarbij er in vergelijkbare gevallen een groot verschil in opgelegde boetes bestaat;
-Het gaat om verschillen van duizenden euro’s per boete;
-Dit leidt tot rechtsongelijkheid;

Overwegende dat:
-Het College door middel van het opnieuw vaststellen van boetes dan wel het buiten invordering stellen van (een deel van) boetes deze rechtsongelijkheid kan opheffen;
-Boetes die geen rekening houden met draagkracht kunnen leiden tot grotere schuldenproblematiek en uitstroom uit de bijstand kunnen belemmeren;

Draagt het College op:
Binnen vier weken met een raadsvoorstel te komen waarin is uitgewerkt hoe wordt omgegaan met boetes vastgesteld voor genoemde jurisprudentie of waarbij hiermee niet volledig rekening is gehouden, met als uitgangspunt dat boetes in het vervolg worden geïnd in lijn met jurisprudentie, in het bijzonder het draagkrachtbeginsel.

En gaat over tot de orde van de dag.