Schriftelijke vragen van GroenLinks aan het college, d.d. 17 april 2014

Op 15 april jl. werd de gemeenteraad in een memo geïnformeerd over de voorgenomen sloop van de voormalige melkhal op het Cobercoterrein aan de Raiffeissenstraat, nu eigendom van de Rabobank.

 

De gemeenteraad heeft de afgelopen jaren diverse keren gesproken over panden die zouden worden gesloopt (o.a. gevel Sandersfabriek, Redemptoristenklooster Glanerbrug) en daarbij uitgesproken waarde te hechten aan ons (gebouwde) erfgoed en het erg jammer te vinden zo weinig invloed te hebben om sloop van waardevolle panden te kunnen voorkomen.

GroenLinks betreurt het ten zeerste dat opnieuw een uniek en waardevol gebouw in Enschede door de slopershamer dreigt te worden geveld.
Met een beetje goede wil zou de Melkhal geschikt kunnen worden gemaakt voor allerlei evenementen: beurzen, congressen, tentoonstellingen, sportwedstrijden, voorstellingen, etc. De ligging nabij binnenstad en op loopafstand van het station maakt deze locatie bij uitstek geschikt voor dergelijke publieks-aantrekkende activiteiten. Veel steden zouden jaloers zijn op zo'n bijzondere ruimte in de binnenstad. Maar in Enschede lukt het blijkbaar opnieuw niet om een nieuwe functie voor een uniek en waardevol pand te vinden.

GroenLinks heeft daarom de volgende vragen aan het college:

1. Waarom is de melkhal niet aangewezen als gemeentelijk monument, bijvoorbeeld tijdens de toevoeging van diverse panden uit de wederopbouwperiode, eerder dit jaar?
2. Wat heeft het college tot nu toe gedaan om sloop van de melkhal te voorkomen?
3. Kunnen college/Rabobank inzichtelijk maken welke mogelijke invullingen voor de melkhal er zijn onderzocht en waarom deze niet haalbaar zijn gebleken?
4. Wat zijn in de ogen van het college oorzaken dat het in Enschede steeds weer moelijk is nieuwe functies voor bijzondere/waardevolle panden te vinden?
5. Als de economische crisis hiervoor als mogelijke reden wordt gezien, is het college dan met ons van mening dat we bijzondere gebouwen niet nu moeten slopen, maar dat we betere tijden moeten afwachten in de hoop dat het dan wel lukt een nieuwe invulling te vinden?
6. In hoeverre is het college bereid mee te werken aan nieuwe functies voor de melkhal (en andere leegstaande panden), wanneer deze niet in de bestaande bestemmingsplannen passen?
7. Is het college bereid met de Rabobank in gesprek gaan om te proberen sloop alsnog te voorkomen en bijvoorbeeld eerst partners/burgers/betrokkenen of anderszins geïnteresseerden uit de maatschappij de gelegenheid te bieden ideeën voor hergebruik van de melkhal aan te dragen?
8. Is het college bereid, indien de aanvraag voor een sloopvergunning binnenkomt, deze aanvraag aan te houden totdat de gemeenteraad n.a.v. de beantwoording van deze vragen een debat heeft kunnen voeren? (ik neem aan dat een raadsdebat binnen de 6 weken beslissingstermijn die de gemeente heeft kan plaatsvinden, mocht dat onverhoopt niet lukken dan heeft, zover ik weet, de gemeente de mogelijkheid de beslissingstermijn met 6 weken te verlengen)